Wilna Haffmans (1936-2021) was beeldhouwster in hart en nieren.
Haffmans werd opgeleid aan de Academie voor beeldende kunst in Arnhem (1954-1959) waar ze leerde beeldhouwen van Cephas Stauthamer.
Met haar wijde visie op het spel dat leven heet, maakte ze al jaren stoute en schalkse vormen van mens, dier of kind of combinaties daarvan. Meestal waren het meisjes- of vrouwfiguren die zich in allerlei ogenschijnlijk zorgeloze bewegingen met elkaar bezig hielden in spel, gesprek of dans of eventjes wiegelend in hangmatten. Al deze malle houdingen zijn feilloos en moeiteloos vertolkt in een bijna filmische taal met een bruisende kracht in de gestolde beweging. De een zit met een kat op schoot te zonnen en de ander rekt zich bijna schaamteloos uit in al haar vezels met een zeer plastisch “Ziezo-gevoel” De kleine plastieken hebben dezelfde vitaliteit en humor en die specifiek tragi-komische Haffmans ondertoon.
Citaat: Marrit Verwiel.